10K+ Studenten - 4.8/5

Lerne mit einem Lehrer Lernmaterialien inbegriffen Konversation üben

Worden (werden) - Verbkonjugation und Übungen

Konjugation des worden (werden) für alle Zeitformen mit Beispielsätzen und Übungen.

 Worden (werden) - Verbkonjugation und Übungen

Lernmaterialien, die dieses Verb implementieren:

Niveau: A1

Modul 1: Jezelf voorstellen (Sich selbst vorstellen)

Lektion 6: Je leeftijd zeggen (Sagen Sie Ihr Alter)

Infinitief Voltooid deelwoord
Worden (werden) Geworden (Übersetzung wird geladen …)

Zeitformen

Aantonende wijs

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT) 

Niederländisch Deutsch
ik word ich werde
jij wordt du wirst
hij/zij/het wordt er/sie/es wird
wij worden wir werden
jullie worden ihr werdet
zij worden sie werden

Onvoltooid verleden tijd (OVT) 

Niederländisch Deutsch
ik werd ich wurde
jij werd du wurdest
hij/zij/het werd er/sie/es wurde
wij werden wir wurden
jullie werden ihr wurdet
zij werden Sie wurden

Voltooid tegenwoordige tijd (VTT) 

Niederländisch Deutsch
ik ben geworden ich bin geworden
jij bent geworden Du bist geworden
hij/zij/het is geworden er/sie/es ist geworden
wij zijn geworden wir sind geworden
jullie zijn geworden ihr seid geworden
zij zijn geworden Sie sind geworden

Voltooid verleden tijd (VVT) 

Niederländisch Deutsch
ik ben geworden Ich bin geworden
jij bent geworden du bist geworden
hij/zij/het is geworden er/sie/es ist geworden
wij zijn geworden wir sind geworden
jullie zijn geworden ihr seid geworden
zij zijn geworden Sie sind geworden

Onvoltooid toekomende tijd (OTTk) 

Niederländisch Deutsch
ik zal worden ich werde
jij zult/zal worden du wirst
hij/zij/het zal worden er/sie/es wird werden
wij zullen worden wir werden
jullie zullen worden ihr werdet
zij zullen worden Sie werden

Voltooid toekomende tijd (VTTk) 

Niederländisch Deutsch
ik zal/zult geworden zijn ich werde geworden sein
jij zal/zult geworden zijn du wirst geworden sein
hij/zij/het zal geworden zijn Er/sie/es wird geworden sein
wij zullen geworden zijn wir werden geworden sein
jullie zullen geworden zijn ihr werdet geworden sein
zij zullen geworden zijn Sie werden geworden sein
Conditionele wijs

Conditionele Tegenwoordige Tijd (CTT) 

Niederländisch Deutsch
ik zou worden ich würde werden
jij zou worden du würdest
hij/zij/het zou worden er/sie/es würde werden
wij zouden worden wir würden
jullie zouden worden ihr würdet werden
zij zouden worden sie würden

Conditionele Verleden Tijd (CVT) 

Niederländisch Deutsch
ik zou geworden zijn Ich wäre geworden
jij zou geworden zijn / zou je geworden zijn du wärest geworden
hij/zij/het zou geworden zijn Er/sie/es wäre geworden
wij zouden geworden zijn wir wären geworden
jullie zouden geworden zijn ihr wärt geworden
zij zouden geworden zijn Sie wären geworden
Imperatief (gebiedende wijs)

Gebiedende wijs 

Niederländisch Deutsch
Word! Werde!